Leerinhouden

Groep 1-2:

In de kleutergroepen zijn de volgende drie elementen van wezenlijk belang: nieuwsgierig zijn, emotioneel vrij zijn en zelfvertrouwen hebben.

De kleutergroep moet dus een plek zijn waar een kind zich veilig en geborgen voelt en waar het kind wordt uitgedaagd tot het (zelf) ontdekken van nieuwe dingen. Zo komt het kind verder in zijn ontwikkeling. Spelenderwijs komen deze drie elementen terug in de dagelijkse activiteiten:

        Taal- en rekenactiviteiten. 
        Speel- en werkactiviteiten. 
        Bewegingsactiviteiten:
           Grove motoriek
           Fijne motoriek

       Naast bovengenoemde activiteiten is er ook veel aandacht voor expressie en de sociaal emotionele ontwikkeling. Dit is zoveel mogelijk verweven in de dagelijkse gang van zaken en komt aan bod bij bijvoorbeeld kringactiviteiten maar ook bij het buitenspelen en vrij werken wordt hier aandacht aan besteed.  

Groep 3 t/m 8:

We organiseren ons onderwijs in deze groepen steeds in basisgroepen die bestaan uit twee leerjaren. Nieuwe lesstof (instructie) wordt op niveau gegeven en kan daardoor plaatsvinden in een basisgroep-doorbrekende samenstelling. Ook de verwerking kan in wisselende groepen plaatsvinden. Belangstelling of niveau zijn dan belangrijk. Na een korte instructie kunnen de kinderen veelal zelf aan het werk. Daarbij gaan we uit van drie instructiegroepen:
        leerlingen die genoeg hebben aan een standaardinstructie en daarna zelf aan de slag kunnen met
        de aangeboden stof
 
         leerlingen die behoefte hebben aan extra inoefenen of uitleg onder begeleiding van de leerkracht
        leerlingen die na een korte instructie zelfstandig aan het werk kunnen en behoefte hebben aan
        extra verdieping van de aangeboden stof
.

Het sociale aspect van een “eigen groep” (de basisgroep) wordt niet vergeten. In die groepen worden klassikale activiteiten afgewisseld met individuele leermomenten. 

Naast klassikale activiteiten is een groot deel van de tijd ingeruimd voor zelfstandig werken: Elk kind werkt zelfstandig aan de uitwerking van de gekregen opdrachten. Zij maken hierbij gebruik van dag- of weektaken. De leerkracht heeft dan tijd om één of meerdere kinderen extra hulp te bieden. 

Vier keer wijzer

Kinderen willen graag leren, ze zijn leergierig en gemotiveerd om de wereld om hun heen te ontdekken. Ieder kind doet dat op zijn/haar eigen manier. De één wil voelen en bewegen, een ander moet het voor zich zien. Weer een ander zit op het puntje van zijn stoel als de muziek start, en de volgende wil graag samen met een ander leren, etc. Dit noem je de meervoudige intelligenties.   

Wanneer een kind nu op de bij hem/haar goed passende intelligentie wordt aangesproken, is het effect op het leren en de motivatie het grootst, wat goed past bij het streven naar adaptief onderwijs.  

Vanaf groep 3 is de lesstof voor wereldoriëntatie verdeeld in thema's en wordt in projectvorm aangeboden. De kinderen kunnen zelf een keuze maken uit de verschillende opdrachten, die afgestemd zijn op de verschillende intelligenties. Op welke manier de kennis ook vergaard wordt: aan het eind van een thema moeten de gestelde doelen wel gehaald worden!  

We hanteren de vier stappen van VierKeerWijzer: 


V(ragen): In de eerste stap bespreken we met de kinderen de vraag/vragen waar ze aan het eind van het project de antwoorden op moeten hebben gevonden. Deze vragen zijn gerelateerd aan de kerndoelen van de verschillende vakgebieden. Gedurende het hele project hangen deze vragen op een duidelijk zichtbare plek in of bij de klas.  
I(k): De tweede stap is gericht op de inbreng van de kinderen zelf. Wat weten ze al over het onderwerp, wat kunnen ze elkaar vertellen, wat willen ze graag nog meer weten over het onderwerp. Hierbij gaan wij ons richten op onderzoekend leren.  
E(rvaren en experimenteren): In de derde stap gaan de kinderen daadwerkelijk zelf aan de slag. Alle opdrachten en materialen liggen klaar en de kinderen kunnen veelal zelf kiezen met welke opdrachten ze de kennis willen vergaren. De leerkracht is steeds beschikbaar voor ondersteuning en geeft zo nodig extra informatie (soms ook klassikaal d.m.v. een verhaal, een filmpje, aan de hand van een excursie, etc) en zorgt dat de kinderen de doelen niet uit het oog verliezen. 

R(esultaat en reflectie): Aan het eind van iedere les reflecteren we hoe de les verlopen is en hoe het met de antwoorden op de vragen gaat. Afhankelijk van de inhoud van het project presenteren de kinderen tussendoor of aan het eind hun opbrengsten en moeten ze laten zien dat ze de doelen behaald hebben. Dit gebeurt d.m.v. presentaties en/of mondelinge of schriftelijke toetsen (vanaf groep 5).


deze website is gerealiseerd door schoolwapps.nl